Hensbekers hoogheemraadschap te zien in Zilvermuseum Schoonhoven

Hensbekers hoogheemraadschap te zien in Zilvermuseum Schoonhoven

Het hoogheemraadschap bezit twee verguld zilveren hensbekers die permanent in het Nederlands Zilvermuseum in Schoonhoven worden geëxposeerd. De oudste is die van het hoogheemraadschap van Schieland. In 1657 schonk dijkgraaf Daniël van Hogendorp de beker aan het college van hoogheemraden.

Het hoogheemraadschap bezit twee verguld zilveren hensbekers die permanent in het Nederlands Zilvermuseum in Schoonhoven worden geëxposeerd. De oudste is die van het hoogheemraadschap van Schieland. In 1657 schonk dijkgraaf Daniël van Hogendorp de beker, gemaakt door de Haagse zilversmid Hans Coenraat Brechtel, aan het college van hoogheemraden. Later werd de beker door andere zilversmeden verfraaid. Zo werd op het deksel een borstbeeld van de Hollandse graaf Floris V geplaatst en het deksel zelf vervolgens met een parelrand afgezet. Het geheel past in een daarvoor op maat gemaakte leren foedraal (een soort huls). De beker van het hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard is iets jonger: deze dateert uit 1706 en is gemaakt door de, eveneens Haagse, zilversmid Arend Ooms. Bij deze beker siert het borstbeeld van gravin Jacoba van Beieren het deksel. Beide edellieden hebben een belangrijke rol gespeeld in de totstandkoming van de twee hoogheemraadschappen in respectievelijk 1273 en 1430. Bij de beker van de Krimpenerwaard hoort een zilveren kop, waaruit kon worden gedronken.

Het hoogheemraadschap is niet het enige waterschap dat in het bezit is van hensbekers. Het gebruik van hensbekers binnen de waterschappen staat in een brede traditie van het elkaar toedrinken bij maaltijden of andere bijeenkomsten. Ook bij andere bestuurscolleges en handelsverenigingen was het vanaf de zeventiende eeuw in gebruik.

Het woord ‘hens’ is afkomstig van ‘hanse’, in de betekenis van gilde of bondgenootschap. De beker ging rond om te drinken op broederschap, het welvaren van het land en om geschillen te beslechten. Nieuwe bestuursleden werden ‘ingedronken’. Zij dienden de beker ad fundum (tot op de bodem) leeg te drinken en moesten een symbolische boete betalen als ze dit niet zagen zitten (er ging bijna een liter wijn in). Bij veel waterschappen was het gebruikelijk om vervolgens in het hensboek een passende spreuk of passend gedicht te schrijven. Dit leverde soms frivole schrijfsels op, zoals ‘fifa ’t glaesie!’ (het hensboek van de Driemanspolder onder Rijnland). In het hensboek van Schieland worden enkel de namen van de drinkers vermeld. Het nalezen van de namen levert soms bekende historische figuren op. Zo dronk in 1660 admiraal Cornelis Tromp uit de beker. De Krimpenerwaard had geen hensboek.

De bekers van het hoogheemraadschap worden door het huidige bestuur nog met enige regelmaat gebruikt.

In de online beeldbank van het hoogheemraadschap is meer informatie te vinden.

De beker van Schieland 

De beker van de Krimpenerwaard