College wil duurzaam financieel beheer en minder lastenstijging

College wil duurzaam financieel beheer en minder lastenstijging

Het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard heeft de ambitie zijn taken zo goed mogelijk uit te voeren tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten en de belastingdruk en de tarieven voor alle groepen belastingbetalers zo laag mogelijk te houden.

Dit doen we allereerst door onze totale kosten zo laag mogelijk te krijgen. Met veel inzet creëren we efficiencywinst uit innovatie, samenwerkingen en zakelijke aansturing.

Voor onszelf, als functionele overheid, handhaven we een sobere en doelmatige bedrijfscultuur. Deze aanpak vinden wij van groot belang. In vergelijking tot de rest van Nederland heeft ons beheersgebied, nu en in de toekomst, namelijk de meeste maatregelen en investeringen nodig om hier veilig en goed te kunnen (blijven) wonen, werken en recreëren. Dit door de diepste ligging, pal naast de rivieren en de stijgende zee, de verschillende bodemsoorten (inklinkend veen) en het intensieve en diverse grondgebruik. De kosten van deze investeringen in bij voorbeeld dijkversterkingen zijn per strekkende meter, of waterbergingen in stedelijk gebied per kubieke meter, of andere investeringen, daarbij ook het hoogst.

Foto Toon van der Klugt

Waterschapsbestuurder Toon van der Klugt: “Dat het geheel van onze belastingtarieven desondanks niet boven het gemiddelde van Nederland uitkomt, is het gevolg van deze doelgerichte zakelijke aanpak en ons eerder ingezet duurzaam financieel beleid. Ondanks dat wij in dat kader streven naar een lage schuldpositie, profiteren wij de laatste jaren ook nog goed van de huidige lage rentestand. Binnen de verdeling van onze kosten over de verschillende groepen belastingbetalers in ons beheersgebied zien wij echter een scheefgroei in de belastingdruk ontstaan, die vraagt om aanpassing van de kosten- en lastenverdeling. Dit komt vooral door twee externe ontwikkelingen: kwijtschelding in grootstedelijk gebied en natuurontwikkeling in de Krimpenerwaard.”

Ontwikkeling kwijtschelding

De eerste ontwikkeling betreft de forse structurele groei van het beroep dat op de kwijtscheldingsregeling van ons hoogheemraadschap wordt gedaan. Het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard heeft een zeer ruim kwijtscheldingsbeleid. Over vrijwel de totale jaarlijkse inkomsten van het schap, en voor alle belastingsoorten, wordt volledig kwijtschelding verleend. Als criterium om in aanmerking te komen, passen we de wettelijk maximaal toegestane inkomensnorm toe.

In 2005 bedroeg de derving door kwijtschelding van het hoogheemraadschap al 2,1 miljoen euro. Deze stijgt in rechte lijn door en bedraagt inmiddels meer dan 5.2 miljoen euro per jaar (in 2015). Omdat al onze kosten uit eigen belastingen gefinancierd moeten worden, betekent kwijtschelding jaarlijks een extra verhoging van de tarieven voor alle overige belastingbetalers in ons gebied. Ook voor degenen met een inkomen net boven de bijstandsnorm, of beperkt vermogen. Vooral bij waterschappen in grootstedelijk gebied leidt de grote doorwerking van kwijtschelding in het belastingstelsel tot scheve verhoudingen. Hiervoor vragen wij al lang aandacht, ook op landelijk niveau. Het college stelt nu voor van de drie belastingheffingen, de kwijtscheldingsregeling voor de zuiveringsheffing aan te passen.

Ontwikkeling natuur

De tweede externe en structurele ontwikkeling is de transformatie van landbouwgebied naar natuurgebied. In de Krimpenerwaard, een groot en bijna geheel agrarisch deel van ons beheersgebied, moet op grond van Rijksbeleid bijna een kwart overgaan in een nieuwe bestemming: natuur. Een deel hiervan is al gerealiseerd, echter een zeer groot deel moet nog gerealiseerd worden. Door de werking van ons belastingstelsel komen de watersysteemkosten qua belasting vrijwel geheel bij de resterende landbouw terecht. De tarieven die de landbouw in ons gehele gebied per hectare betaalt, voor zowel de watersysteemheffing als de wegenheffing, zijn inmiddels de hoogste van Nederland. Met de voorziene verdere toename van het areaal natuur zouden deze, naast de structurele jaarlijkse stijging, met ruim 10% extra moeten worden verhoogd.

Ons bestuur heeft eerder uitgesproken dat natuur een collectief goed is, bestemd voor alle inwoners. De kosten van uitbreiding daarvan zouden niet vooral afgewenteld moeten worden op één belastingcategorie (ongebouwd). Het waterschapsbestuur ziet graag dat deze kosten in de toekomst collectief gedragen worden. Bij de watersysteemheffing en bij de wegenheffing doet het college hiervoor nu een voorstel.

Wijzigingen in kostenverdeling en belastingheffing

Na een periode van zorgvuldig onderzoek en overleg met partners, heeft het college binnen de wettelijke mogelijkheden naar toekomstbestendige aanpassingen gezocht die in samenhang met elkaar tot een evenwichtiger verdeling leiden. Deze stelt het college voor in de voorjaarsnota 2016. De wijzigingen per 1 januari 2017 zijn van invloed op de kostenverdeling en -toedeling en daarmee op de hoogte van onze verschillende belastingtarieven.

Het betreft de volgende hoofdpunten:

Aanpassing kwijtscheldings-regeling voor de zuiveringsheffing

Al het via het riool afgevoerde afvalwater wordt door het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard gezuiverd in grote afwaterzuiveringsinstallaties. Doordat ons hoogheemraadschap met innovatieve investeringen steeds meer energie hieruit terugwint en samenwerking in slibverwerking en technologieontwikkeling telkens meer kosten bespaart, is het gelukt de jaarlijkse tariefstijging om te buigen naar structureel 0% en de laatste jaren het tarief zelfs licht te laten dalen.

Het afvalwater dat we zuiveren, wordt eerst ingekocht bij het drinkwaterbedrijf en door ieder betaald. Het Nederlandse waterschapsbestel is door een onafhankelijk internationaal onderzoekteam van de OESO diepgaand onderzocht op zijn functioneren en geschiktheid voor de toekomst. Het rapport was zeer positief, maar plaatste twee kanttekeningen waaraan zou moeten worden gewerkt. De minister van Infrastructuur en Milieu heeft het advies van de OESO inclusief de kanttekening onderschreven dat in het belastingstelsel van de waterschappen het principe van de vervuiler betaalt, de kostenveroorzaking en de bewustwording hierover, versterkt zouden kunnen en moeten worden. Met deze ontwikkeling is het geheel in lijn de zuiveringsheffing door alle gebruikers/vervuilers-veroorzakers te laten betalen.

Inkomensherverdeling is bij wet overigens expliciet voorbehouden aan het Rijk en armoedebeleid wordt niet gezien als taak of domein van de waterschappen. In de praktijk ligt de kaderstelling, ontwikkeling, uitvoering en invulling van dit beleid bij het Rijk en de gemeenten, die daarop ook zijn toegerust.

Het college stelt voor over de zuiveringsheffing voortaan geen kwijtschelding meer te verlenen. Het hoogheemraadschap wil de volledige kwijtschelding voor de watersysteemheffing en wegenheffing wel blijven verlenen.

Het bedrag dat huishoudens die nu volledig kwijtschelding over alle waterschapsbelastingen ontvangen, met ingang van 2017 moeten gaan betalen, blijft bij die keuze dan beperkt tot circa € 160,- per jaar voor een meerpersoonshuishouden. Dat bedrag kan in 10 maandelijkse termijnen en automatisch worden betaald. Voor een eenpersoonshuishouden wordt het totaalbedrag circa € 52,- per jaar, dat ook in termijnen kan worden betaald.

Het college ziet, naast de beperking van het te betalen bedrag, ook inhoudelijk een rechtvaardiging voor het onderscheid en het handhaven van de kwijtschelding van de watersysteemheffing en de wegenheffing. Deze ligt in het verschillende karakter van deze heffingen. Bij de watersysteemheffing en de wegenheffing is een collectiever deel en nut aan te merken: het kunnen wonen, werken en recreëren in dit gebied.

Door inperking van de kwijtschelding kan het tarief van de zuiveringsheffing met ingang van 2017 circa 4% dalen. Het college stelt in de voorjaarsnota voor daarboven nog 2% extra te verlagen, waardoor het tarief met ingang van 2017 voor iedereen met 6% kan dalen. De ambitie van het college is de stijging van het tarief daarna meerjarig op 0% vast te houden.

Aanpassingen binnen de watersysteemheffing

Alle kosten die het hoogheemraadschap maakt voor onder meer de aanleg en het onderhoud van dijken, kades, watergangen, gemalen, sluizen, het peil en de kwaliteit van het oppervlaktewater, worden gefinancierd uit de watersysteemheffing.

Het college stelt voor in de toedeling van de kosten van het watersysteem het huidig percentage van 50% voor de ingezetenen te verhogen naar 53%. Op basis van de wettelijke normen daarvoor, zouden deze naar 60% kunnen worden verhoogd. Gebaseerd op de inwonersdichtheid van het gebied. Met een verhoging naar 53% wordt de lastenverschuiving naar de landbouw -door de op korte termijn voorziene vergroting van natuur- gecompenseerd. Ter beperking van de lastenstijging voor de ingezetenen stelt het college voor daarin nu niet verder te gaan dan 53%. Het tarief voor de watersysteemheffing voor ingezetenen stijgt door deze aanpassing van € 94,25 naar € 99,90 per huishouden. Een stijging van € 5,65 dus door deze aanpassing. Dit bedrag wordt door de combinatie met de andere aanpassingen gecompenseerd. De voorgestelde daling van de zuiveringsheffing zal voor ingezetenen bijvoorbeeld een besparing opleveren die varieert van ca € 3,12 voor een eenpersoonshuishouden tot € 9,36 voor een meerpersoonshuishouden.

Daarnaast stelt het college voor de meerjarige tariefontwikkeling aan te passen door stijgingspercentages te laten dalen:

Jaarschijf 2017 Jaarschijf 2018 Jaarschijf 2019 Jaarschijf 2020
Voorjaarsnota 2015 5% 4,5% 4,5% 4,5%
Voorjaarsnota 2016 4% 3% 2% 2%

aAnpassingen binnen de wegenheffing

Alleen in de Krimpenerwaard voert het hoogheemraadschap de wegentaak uit. Gebruikers en belanghebbenden in dat deel van ons beheersgebied worden ter financiering hiervan aangeslagen met deze aparte heffing. De lastenverschuiving door het herbestemmen van landbouwgrond in natuur doet zich ook bij de wegenheffing voor, maar nog scherper. In de praktijk vindt voor een substantieel deel ook agrarisch gebruik plaats in een extensievere vorm.

Er zijn volgens het college geen wezenlijke verschillen aan te merken in belang, gebruik of kosten in de fiscale categorieën natuur en overig ongebouwd (vooral landbouw). Het college stelt daarom voor beide categorieën samen te voegen tot één categorie met één tarief. Dat doet meer recht aan de werkelijkheid en bij overgang van landbouw naar natuur vindt geen lastenverschuiving plaats.

Het tarief van de wegenheffing voor ongebouwd (als gezegd ook hier het hoogst in Nederland) hoeft bij deze aanpassing van de kostentoedeling niet nog met 20% door te stijgen en kan op de huidige € 35,- per hectare gehandhaafd blijven.

De bij de programmabegroting 2016 ingecalculeerde verhoging met 1% voor 2017 wil het college niet opnemen in de voorjaarsnota, maar de 0%-lijn handhaven. Het college is van mening dat dit met een goede investerings- en uitvoeringsplanning realistisch is.

Collegevoorstel samengevat

  • Het aandeel van de ingezetenen in de kosten van het watersysteembeheer verhogen van 50% naar 53%.
  • De belastingcategorieën ongebouwd (grondeigenaren) en natuur (natuurterreineigenaren) samenvoegen voor de wegenheffing.
  • De kwijtschelding van de waterschapsbelastingen inperken tot de watersysteemheffing en de wegenheffing, en de zuiveringsheffing uitsluiten van kwijtschelding.
  • De stijgingspercentages en tarieven van al onze belastingen verlagen ten opzichte van de meerjarenraming. De watersysteemheffing daalt van het structurele stijgingspercentage van 5% per jaar naar 4%-3%-2%, de wegenheffing daalt van 1% naar 0% en voor de zuiveringsheffing daalt het tarief ten opzichte van 2016 met 6%.
  • De verdeling van de indirecte kosten over de verschillende taakbegrotingen licht aanpassen. Dit heeft geen merkbaar gevolg op de tarieven.

Door al deze aanpassingen gelijktijdig door te voeren, ontstaat een algeheel beeld van lagere belastingdruk, evenwichtiger verdeeld over al onze categorieën belastingbetalers.

Alle genoemde tarieven en percentages zijn nu indicaties. De exacte tarieven voor 2017 stelt de verenigde vergadering in november vast, bij de behandeling van de programmabegroting 2017.

Verdere procedure

Na instemming met dit voornemen door de verenigde vergadering doorloopt het hoogheemraadschap een inspraakprocedure voor de aanpassing van de kostentoedeling voor de watersysteemtaak en de kostentoedeling voor de wegentaak. Daarna neemt ons waterschapsbestuur het definitieve besluit en vraagt daarvoor goedkeuring van de provincie.

Bekijk de voorjaarsnota

Foto5Wegen.JPG