Aanpak baggeren

Aanpak baggeren

In alle wateren in ons gebied ligt op de bodem een laag bagger; een mengeling van plantenresten en bezonken slib. Wanneer er veel bagger op de bodem van een sloot of plas ligt, kan dit nadelige gevolgen hebben voor de doorstroming van het water of de waterkwaliteit. Door regelmatig te baggeren, wordt de sloot in de juiste maten hersteld (breedte en diepte).

Op deze manier voorkomen wij wateroverlast. In onze legger staan de maten van elke watergang beschreven. Het hoogheemraadschap hanteert een baggerprogramma voor de uitvoering van baggerwerkzaamheden voor met name de hoofdwatergangen.

In het beheergebied van Schieland en de Krimpenerwaard zijn we op dit moment op drie plaatsen aan het baggeren. In baggerslib zit vaak enige mate van verontreiniging. De mate van verontreinigingen in de baggerslib bepaalt hoe de bagger kan worden verwerkt. De manier van verwerken bepalen we in afstemming met de diverse milieudiensten (DCMR, ODMH en ODH).

In bagger kunnen ook de verontreinigende stoffen PFAS aangetroffen worden. Landelijk vindt hier steeds meer onderzoek naar plaats. De rijksoverheid heeft voor deze groep van stoffen nog geen normering vastgesteld. Daarnaast worden deze stoffen ook nog niet standaard geanalyseerd voor het bepalen van de verwerkingsmogelijkheden van de bagger.

Wel zijn de risicogrenswaarden van de PFAS-stoffen momenteel in onderzoek bij het bevoegd gezag, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Veelgestelde vragen over PFAS en bagger

Voor meer informatie over baggeren kunt u terecht op onze website 

Op de website van de Unie van Waterschappen leest u meer over het onderzoek naar bagger