Nieuwjaarsrede 2021 van onze dijkgraaf

Nieuwjaarsrede 2021 van onze dijkgraaf

Dijkgraaf Toon van der Klugt tijdens zijn digitale nieuwjaarsrede

Hier leest u de nieuwjaarsrede van onze dijkgraaf Toon van der Klugt.

Beste mensen, leden van onze organisatie, personeel en bestuur, allen die dit hoogheemraadschap een warm hart toedragen.

Voor het eerst vindt een nieuwjaarsbijeenkomst digitaal plaats, vanwege een algehele lockdown. Het is voor de camera eenrichting en zonder uw reacties ook een vorm van droogzwemmen. Om meer van uw gezichten en reacties te kunnen zien, heb ik besloten dit toch maar vanuit ons gemeenlandshuis te doen met twee grote schermen voor me.

De kern van een nieuwjaarsbijeenkomst is: elkaar in de ogen zien, de hand schudden, het glas heffen op het nieuwe jaar en elkaar verbroederd gezondheid en geluk toewensen. Samen, gezondheid en voorspoed; alle drie een contradictie met de fysieke realiteit en de situatie waarin wij ons bevinden. En toch doen we het. Uit traditie?, of Is het vanwege dit alles juist goed om met elkaar de huidige situatie te markeren en uit te spreken hoe we nu verder gaan?

2020 was een bijzonder jaar dat, denk ik, ons collectief geheugen zal ingaan in het rijtje van 1940 en 1953.

Allereerst het leed voor de zieken, de doden, die soms in ongenadige eenzaamheid ziek waren en gestorven zijn, en in een beperkt gezelschap begraven, en het effect op nabestaanden en vrienden, een aantal onder u, ook ik, hebben dat van dichtbij ervaren.

Voor velen maanden van weinig of geen contact, laat staan een knuffel of hug van dierbaren, ook niet bij de mooie momenten van het leven, die energie geven. De vraag hoe vier je nu een verjaardag, het slagen, die lang gekoesterde bruiloft, in elk geval hoe de kerst en oudjaar? Zullen bij bij ieder wel langsgekomen zijn.

We lezen over de vereenzaming van ouderen en de klappen die ongezien juist bij de onderkant van onze samenleving het hardst vallen.
Het levenswerk van ondernemers dat bruusk teloor ging, of nog gaat, ondanks steun vanuit de overheid.

Er is naast direct leed, ook schade en achterstand op allerlei terrein opgelopen in studies, gezondheid, ontwikkeling, te vieren momenten, etc. etc. en we hebben een explosief opgelopen begrotingstekort en staatsschuld die we op een gegeven moment weer moeten gaan inlossen.

Daarmee vergeleken is het ongemak van digitaal vergaderen waarover wij soms klagen klein leed, bijna het nieuwe praatje over het weer, alhoewel het voor ons werk wel een zeer grote verandering was. De last en effecten van bijna een jaar thuiswerken, zeker met kinderen en werkende partner thuis, onder niet geschikte omstandigheden, moeten we daarbij niet onderschatten. Dat maakte 2020 voor ons allen een zwaar jaar.

Vorig jaar mocht ik voor de eerst maal op dit tijdstip een nieuwjaarsrede houden. Ik had het toen o.m. over de uitvoeringskracht van de overheid, klimaatverandering en over werkgeluk. Alle drie kwamen terug dit jaar.

Voor het veel grotere belang dat wij m.i. aan de uitvoeringskracht van de overheid moeten gaan toekennen, haalde ik Tjeenk Willink aan die schreef: “de overheid wordt gelegitimeerd door haar uitvoering”. Voor de uitvoering van de existentiële taken van veiligheid, zoals defensie, waterveiligheid en volksgezondheid, de bestaanszekerheid en rechtsbescherming, die alleen collectief kunnen worden gerealiseerd, krijgt de overheid, haar macht en het mandaat. De geschiedenis leert dat als die taken niet worden waargemaakt, het volk in opstand komt. Tjeenk Willink analyseert dat door een combinatie van outsourcing, liberalisering en jarenlange bezuiniging de uitvoeringskracht van de overheid met haar uitvoeringsinstellingen en inspecties is uitgehold.

De aanpak van de Coronacrisis waar Nederland niet alleen met het starten van de voorziene grootschalige vaccinatie, maar ook op vrijwel alle eerdere uit te voeren maatregelen, van het realiseren van de benodigde testcapaciteit, de check van invliegende reizigers, en de bijna soap rond de verplichting van mondkapjes, hekkensluiter in Europa was, moet daarmee te maken hebben. Er zijn meer voorbeelden waarin de overheid onmachtig lijkt een slepend groot probleem tijdig op te lossen, ondanks dat het geld ervoor klaar staat. Ik zal het optimisme dat past bij een nieuw jaar niet omlaag brengen door de voorbeelden op te sommen die u zelf ook kent. M.i. zijn zowel een gebrek aan uitvoeringscapaciteit en kracht als een verlamming door een nultolerantie voor fouten belangrijke oorzaken. Door dit laatste is de focus niet meer gericht op het werk, maar op het geen verwijtbare fouten maken. Ik vrees dat geen van beide echter vanavond in het debat met het kabinet op tafel komen en dat zegt ook iets.

De waterschappen vallen steeds meer op door hun uitvoeringskracht, worden daarvoor gewaardeerd en dat komt m.i. zeker voor een belangrijk deel doordat wij met onze eigenstandige positie en eigen financiering de capaciteit en know how hebben kunnen behouden. Deze hebben kunnen laten meegroeien met de eisen vanuit onze taken. Het in november binnen de Unie aannemen van het voorstel tot aanpassing van ons belastingstelsel, unaniem op de valreep, is door zijn unanimiteit een sterk voorstel aan de minister, en daarom van niet te onderschatten belang. Ik ben ook blij dat wij binnen dit hoogheemraadschap toch een wat ik van de Krimpenerwaarders een “Rotterdamse mentaliteit” mag noemen, omdat zij weten wat dat is, en doen waarvoor wij zijn en het vertrouwen van burgers en bedrijven krijgen. En natuurlijk proberen jullie daarbij geen of zo min mogelijk fouten te maken, maar weet dat jullie erop kunnen vertrouwen dat jullie een bestuur hebben dat kritisch kijkt, maar in die basishouding steunt.

Ik had het vorig jaar achter het katheder ook over werkgeluk en dat bleek velen, soms verrast, aan te spreken. Werkgeluk is een van de weinige gebieden waar het adagium “Hoe meer, hoe beter” wel opgaat. Door het verplicht thuiswerken heeft dit echter juist een enorme deuk gekregen. De verbetering, bevestiging en het plezier uit de sociale interactie viel grotendeels weg, waardoor “werken” op den duur verschraalt naar kaal “werk”. Ik wil vanaf deze plaats een groot compliment en dank uitspreken naar onze directie, Miriam en Martin, voor hoe zij zich extra ingezet hebben met calls, blogs en allerlei extra acties om, met alle leidinggevenden, toch het contact met ieder te leggen, na te gaan of ieder nog betrokken is, goed functioneert en de moed er in te houden. Dit was voor jullie ook onbekend terrein, maar de videootjes waren direct leuk en goed en jullie acteren, en dat van alle teamleiders, heeft zeker geholpen om de organisatie fit and proper en verbonden te houden. Dat blijkt overigens ook uit de resultaten die dit jaar toch bereikt zijn. Mag ik een digitaal applaus van jullie daarvoor?

Ook een speciaal woord van respect en dank aan de mensen in de buitendienst. Zij moesten en gingen door met hun werk in de gemalen, zuiveringen en inspecties. Waar mogelijk met aangepaste routes en gedeelde teams, in Unieverband konden wij voor onze mondkapjes blijven zorgen, maar ze gingen. Al snel kwamen onze afvalwaterzuiveringen ook in het nieuws door dat met bemonstering de aanwezigheid en verspreiding van het virus vroegtijdig aangetoond bleken te kunnen worden.

Bij de digitale kerstborrel, ook een voorbeeld hoe van de nood juist met elkaar iets heel moois en groots gemaakt werd, zagen we een filmpje met de vele werken de dit jaar gerealiseerd zijn. Zeg maar film ,want er bleek weinig uitgesteld en veel had er nog bij gekund.

Ik noem hier nog de ambitie om meer mensen buiten bij ons werk te betrekken, m.i. geweldig geslaagd bij het burgeronderzoek “Vang de watermonsters” waar meer dan 1.000 deelnemers in ons gebied de beestjes in het water in hun omgeving registreerden en bijdroegen aan het waterkwaliteitsonderzoek. Daar gaan we volgend jaar mee door!

Er waren toch veel geslaagde events zoals de opening van de Expo A16 in Bergschenhoek, de uitkijkpunten langs de Rotte, het standbeeld voor Johan van Veen met zicht op de Hollandsche IJsselkering, het NOA Waterpaviljoen in Rotterdam, het 750-jaar dam in de Rotte in hartje Rotterdam , het nieuwe voorplein met wateropvang van diergaarde Blijdorp, stuk voor stuk gelegenheden waar we ons hoogheemraadschap en ons verhaal heel goed hebben gepresenteerd, maar vanwege Corona met helaas een ingesnoerd aantal genodigden, vaak alleen de participanten, zonder publiek. Maar in beeld en pers wel degelijk verspreid en nu te zien.

Veel mensen lijken het na de flinke buien eind december al weer vergeten, maar ook 2020 was weer een jaar van droogte, 4 droge jaren, waarvan 3 extreem, op rij. Eind mei hadden we al het hoogst gemeten neerslagtekort voor die periode van het jaar te pakken. Uit onderzoek van de Unie bleek dat meer dan de helft van de Nederlanders zich toen zorgen maakte over problemen door watertekort. Het werken in onze nieuwe crisisstructuur heeft zich hier bewezen, ook waar we er nog een beetje aan moeten schaven. Voor ons waterrijke Zuid-Holland dat door de eeuwen heen is ingericht op en alleen gewend aan zoetwateroverschot, beginnen aan de horizon toch zoetwatertekorten in beeld te komen. Tekenend is dat onlangs door de Europese milieucommissie nu een resolutie is aangenomen die inhoudt dat bovenstrooms men ook rekening moet gaan houden met zoetwaterhoeveelheid benedenstrooms en er dus ook Europese afspraken over de waterkwantiteit nodig zijn.

Aan het klaarstomen van HHSK voor de invoering van de omgevingswet op afgelopen 1 januari door al onze regelgeving om te bouwen naar het landelijk digitaal stelsel is keihard in vrijwel alle afdelingen gewerkt. Het Rijk heeft opnieuw de invoering een jaar uitgesteld, maar ik ben blij dat we het werk afgelopen jaar toch hebben afgemaakt en ons algemeen bestuur unaniem zijn goedkeuring gaf aan de waterschapsverordening. In 2021 kunnen we nu het extra jaar benutten voor het oefenen met al aangesloten overheidspartners en op tijd verbeteren en aanpassen voordat we met de uitvoering live gaan.

We waren ook intensief betrokken bij de A16 met zijn tunnel onder de Rotte, grondwater- en waterkwaliteitsissues en de vele peilen die moeten worden doorkruist. De reconstructie van een stuk Rottekade, het gefaseerd maaien, met een eigen app, te noemen, zelfs een nominatie voor de fraaiste wegbermen viel ons ten deel. Nadat we het juridisch bezwaar tegen de gunning afsloegen konden we de uitwerking van projectplan KIJK definitief gunnen aan een aannemerscombinatie met de bedoeling ook de realisatie van deze ingewikkelde dijkversterking met hen te gaan doen.

De nieuwe brug aan het Westeinde Berkenwoude is natuurlijk een zichtbaar sieraad in de Krimpenerwaard, maar er is ook veel belangrijk werk verzet, waarvoor gezwoegd is, maar dat deels verborgen blijft, omdat het goed gedaan is. Denk aan het privacy- en cybersecurity proof maken en houden van alles, terwijl wij aan de andere kant juist publiek digitaal moeten uitwisselen en gegevens voor ieder toegankelijk maken en organisatiebreed voor een digitale transformatie staan. De financiële administratie die wij niet alleen voor ons zelf maar ook Rijnland en Delfland doen.

Onze wegen en de toetsing van onze primaire keringen, de inzet van onze specialisten op de waterkwaliteit, de discussie rond Phoslock, de inzet binnen het programma klimaat en ruimte met veel werk te doen om onze steden en dorpen te helpen klimaatbestendiger te worden. 

Trots ben ik ook dat wij het participatietraject ten behoeve van ons nieuwe waterbeheerplan hebben doorgezet en niet afgelast en overgeslagen. Met enig moed en veel voorzorg eerst fysiek en toen we dit niet meer konden afmaken, zijn we geheel overgeschakeld naar een digitaal traject met goede gesprekken en mooie resultaten. Eind van dit jaar loopt het huidige plan af en kunnen we een geheel nieuw plan hebben voor 6 jaar, waarin niet beknibbeld is op participatie.

Ik stop want hoeveel ik ook noem, ik zal altijd belangrijk werk vergeten te noemen. Wij werken daarvoor met een groep betrokken professionals in een flexibele organisatie samen met 1 doel: te doen waarvoor wij het vertrouwen hebben gekregen. Dat willen en zullen wij niet beschamen. Het belang daarvoor is ook veel te groot voor de mensen en bedrijven die van ons afhankelijk zijn.