Zuiveringsheffing woonruimten

De zuiveringsheffing voor woonruimten wordt voor het gebruik van een woonruimte door de leden van een huishouden per zelfstandige woonruimte opgelegd. De aanslag wordt opgelegd aan één lid van het huishouden.

Een zelfstandige woonruimte is een woonruimte met eigen sanitaire voorzieningen zoals een keuken, douche en toilet. De hoogte van de heffing wordt berekend per vervuilingseenheid (v.e.). Elk huishouden dat bestaat uit twee of meer personen ontvangt een aanslag voor drie vervuilingseenheden. Een huishouden dat bestaat uit één persoon ontvangt een aanslag voor één vervuilingseenheid.

De kosten die het waterschap maakt voor het afvoeren van afvalwater vanuit de woonruimte worden verhaald via een zuiveringsheffing op alle indirecte lozingen (dat zijn lozingen op de riolering of op een zuiveringstechnisch werk). De basis voor de zuiveringsheffing is met ingang van 2009 geregeld in de Waterschapswet. Met betrekking tot de verontreinigingsheffing voor directe lozingen gelden nog steeds de bepalingen uit de Wet verontreiniging oppervlaktewateren. De zuiveringsheffing wordt zowel aan gebruikers van woonruimten opgelegd als aan bedrijven.

Voorwaarden

U moet de zuiveringsheffing betalen als aan de volgende voorwaarde is voldaan:

  • U voert indirect afvalwater af op het riool of op een zuiveringstechnisch werk.

Aanpak

De zuiveringsheffing wordt opgelegd door de Regionale Belasting Groep.

De Regionale Belasting Groep heeft als kerntaak het heffen en innen van belastingen voor de hoogheemraadschappen van Schieland en de Krimpenerwaard en Delfland.

Doelgroepen

Particulier, Ondernemer

Thema

Belastingen en heffingen