Voorwaarden subsidieregeling Klimaat en Ruimte 2023

Op deze pagina leest u de subsidievoorwaarden van de subsidieregeling Klimaat en Ruimte die gelden in 2023.

Dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard;

Gelet op de bepalingen in titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1.3 van de Algemene Subsidie Verordening Schieland en de Krimpenerwaard,

Overwegende dat: Dijkgraaf en hoogheemraden op aanvraag een subsidie kunnen verlenen voor maatregelen die helpen het risico op wateroverlast en de gevolgen van droogte en hitte te verkleinen. Hiermee wil het waterschap inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties activeren om klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren op eigen terrein.

B E S L U I T:

Vast te stellen de SUBSIDIEREGELING van KLIMAAT & RUIMTE

Subsidievoorwaarden

Artikel 1. Begripsomschrijving

1. In deze regeling wordt verstaan onder:
a. Klimaatadaptieve maatregelen: maatregelen die leiden tot meer groen en minder steen en die zorgen voor het vasthouden van regenwater en vertragen van de afvoer daarvan.
b. Waterschap: het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard.
c. College: dagelijks bestuur van het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard.
d. Groen oppervlak: oppervlak met levend groen door beplanting en bijpassende ondergrond, met de bodem of dakconstructie verbonden.
e. Verhard oppervlak: oppervlak bestaande uit bestrating, stenen, daken of asfalt
f. Waterberging: opslag van regenwater uit de directe omgeving.
g. Afkoppelen: het aanpassen van de regenwaterafvoer van een gebouw of perceel zodat deze niet langer loost op de riolering, maar uitkomt in de tuin.
h. Bebouwd gebied: gebied dat vol staat met huizen, winkels, kantoren en andere gebouwen met weinig open ruimte, dat op deze kaart is weergegeven.

Artikel 2. Doelgroep

1. Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door natuurlijke personen of rechtspersonen die eigenaar of huurder zijn van gebouwen en percelen gelegen binnen het beheersgebied van het waterschap.
2. Een huurder kan uitsluitend subsidie aanvragen, indien daarvoor toestemming is gegeven door de eigenaar van het gebouw of perceel.

Artikel 3. Subsidiabele maatregelen

1. Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor klimaatadaptieve maatregelen binnen het beheersgebied van het waterschap.
2. De maatregel waarbij groenoppervlakte wordt gerealiseerd, komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien:
a. het te realiseren groenoppervlak ten minste 15 vierkante meter bedraagt.
3. De maatregel waarbij een waterberging gerealiseerd wordt, komt alleen in aanmerking voor subsidie indien de te realiseren waterberging:
a. ten minste 0,5 kubieke meter bedraagt;
b. een aanvoer heeft met regenwater, afkomstig van het gebouw of perceel van de aanvrager, van ten minste 15 vierkante meter per kubieke meter waterberging; en
c. een afvoer heeft.
4. De maatregel waarbij oppervlakte wordt afgekoppeld, komt alleen in aanmerking voor subsidie indien:
a. het afgekoppelde oppervlak ten minste 10 vierkante meter bedraagt;
b. het regenwater vertraagd wordt afgevoerd; en
c. deze maatregel wordt aangevraagd in combinatie met een maatregel uit het tweede of derde lid van dit artikel.
5. Indien tegelijkertijd subsidie wordt aangevraagd voor meerdere maatregelen, dan moet bij 1 van de maatregelen minimaal voldaan worden aan de gestelde eisen onder lid 2 sub a, lid 3 sub a of lid 4 sub a om in aanmerking te komen voor subsidie.

Artikel 4. Hoogte van de subsidie

1. De subsidie per maatregel is:
a. € 10,- per toegevoegde vierkante meter groenoppervlak;
b. € 10,- per toegevoegde vierkante meter afgekoppeld oppervlak, en
c. € 300,- per toegevoegde kubieke meter waterberging.
2. Per aanvraag mogen meerdere maatregelen gecombineerd worden.
3. De subsidie bedraagt per aanvraag ten hoogste € 25.000.
4. Er kan niet meer subsidie uitbetaald worden dan de opgegeven kosten voor realisatie. Het minimumbedrag voor deze subsidie is €150,-.

Artikel 5. Subsidieplafond en wijze van verdeling

1. Het college stelt per categorie een subsidieplafond vast als bedoeld in art. 2.1 van de Algemene subsidie Verordening, onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de Verenigde Vergadering van Schieland en de Krimpenerwaard.
2. Verstrekking van de subsidie vindt plaats op volgorde van ontvangst van de complete aanvraag totdat het subsidieplafond is bereikt, conform artikel 2.2 sub a van de Algemene subsidie Verordening.

Artikel 6. Aanvraagtermijn

1. Een aanvraag voor een subsidie tot € 2000 kan uitsluitend achteraf worden ingediend, tot uiterlijk drie maanden na uitvoering.
2. Een aanvraag voor een subsidie vanaf € 2000 wordt minstens zes weken voorafgaand aan de uitvoering ingediend.

Artikel 7. Aanvraag tot € 2000

1. De subsidie wordt digitaal aangevraagd met gebruikmaking van een door het college vastgesteld aanvraagformulier.
2. De aanvraag is voorzien van:
a. een beschrijving van de maatregelen waaruit blijkt waar en wanneer deze zijn uitgevoerd;
b. een specificatie waaruit blijkt hoe groot het toegevoegd groenoppervlak in vierkante meter, het toegevoegd afgekoppeld oppervlak in vierkante meter, en/of toegevoegde waterberging in kubieke meter is;
c. een betalingsbewijs waaruit blijkt dat de maatregelen zijn uitgevoerd en betaald binnen zes maanden voor aanvraag van subsidie;
d. ten minste twee foto’s van de situatie voordat de maatregelen zijn uitgevoerd en ten minste twee foto’s van de nieuwe situatie, waaruit alle maatregelen zijn af te leiden waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
e. bewijs van eigendom of schriftelijke goedkeuring van de eigenaar van het gebouw of perceel.
3. Binnen drie maanden na afronding van de laatste maatregel moet de subsidieaanvraag worden ingediend. Hierbij geldt dat de eerste maatregel niet meer dan zes maanden geleden is uitgevoerd.

Artikel 8. Aanvraag vanaf € 2000

1. De subsidie wordt digitaal aangevraagd met gebruikmaking van een door het college vastgesteld aanvraagformulier.
2. De aanvraag is voorzien van:
a. een beschrijving van de maatregelen waaruit blijkt waar en wanneer de uitvoering gaat plaatsvinden;
b. een specificatie van maatregelen waaruit blijkt hoe groot het toe te voegen groenoppervlak in vierkante meter, het toe te voegen afgekoppeld oppervlak in vierkante meter, of de toe te voegen waterberging in kubieke meter wordt gerealiseerd;
c. een begroting van de kosten van de maatregelen;
d. een bewijs van eigendom of schriftelijke goedkeuring van de eigenaar van het gebouw of perceel.
3. Aanvraag van de vaststelling moet binnen 1 jaar na dagtekening van de goedkeuringsbrief zijn ontvangen.
4. Het waterschap kan aanvullende informatie van de aanvrager verzoeken als het college die informatie relevant vindt voor de beoordeling van de aanvraag.
5. Bij deze categorie mogen voor dezelfde maatregelen financiële bijdragen bij anderen zijn aangevraagd en/of verkregen, onder voorwaarde dat dit er niet toe leidt dat de totaal ontvangen bijdragen hoger zijn dan de uitvoeringskosten.
6. Bij deze categorie worden minimaal twee communicatie-uitingen gevraagd; minimaal één zichtbare uiting op locatie en minimaal één andere variant (digitaal, social media, gastlessen ed.) De uitvoering hiervan moet vóór besluitvorming bekend zijn.

Artikel 9. Vaststelling

1. Een subsidie tot € 2000 wordt direct bij verlening vastgesteld.
2. Een subsidie vanaf € 2000 wordt vastgesteld, nadat er een aanvraag tot vaststelling is ingediend. Binnen drie maanden na uitvoering moet de aanvrager deze indienen.
3. Aanvraag van de vaststelling moet binnen 1 jaar na dagtekening van de goedkeuringsbrief zijn ontvangen.
4. Deze aanvraag tot vaststelling als bedoeld in lid 2 moet ten minste voorzien zijn van:
a. een betalingsbewijs waaruit blijkt dat de maatregelen zijn uitgevoerd, waar en wanneer, alsmede de hoogte van de kosten;
b. een specificatie van maatregelen waaruit blijkt het toegevoegde groenoppervlak in vierkante meter, het toegevoegde afgekoppelde oppervlak in vierkante meter en de toegevoegde waterberging in kubieke meter;
c. tenminste twee foto’s van de situatie voordat de maatregelen zijn uitgevoerd en ten minste twee foto’s van de nieuwe situatie waaruit alle maatregelen zijn af te leiden waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

Artikel 10. Weigeringsgronden

1. Subsidie wordt geweigerd, indien:
a. de maatregel voortvloeit uit een bestaande wettelijke verplichting;
b. de maatregel onderdeel uitmaakt van bedrijfsmatige doeleinden;
c. de maatregel zich binnen nieuwbouwprojecten of braakliggende terreinen bevindt;
d. voor een subsidie tot € 2000 voor dezelfde maatregelen ook financiële bijdragen bij anderen zijn aangevraagd en/of verkregen.
e. voor een subsidie vanaf € 2000 als deze zich buiten het bebouwde gebied bevinden. Het bebouwd gebied staat ingetekend in de kaart in de bijlage.
f. maatregelen niet conform de subsidievoorwaarden zijn uitgevoerd.
2. Subsidieverlening kan ook worden geweigerd, indien:
a. op grond van deze regeling al subsidie voor dezelfde maatregelen is verleend aan de aanvrager;
b. voor de maatregelen waarvoor subsidie wordt aangevraagd, ook subsidie op grond van een andere subsidieregeling van het waterschap mogelijk is.

Artikel 11. Verplichtingen

Bovenop het gestelde in de Algemene Subsidie Verordening:
1. Geldt voor alle subsidies dat het ontwerp, de aanleg en de instandhouding van de klimaatadaptieve maatregelen deugdelijk en zorgvuldig worden uitgevoerd;
2. Kan het waterschap voor subsidies vanaf € 2000 de volgende verplichtingen opleggen aan de aanvrager:
a. de waterberging, het afgekoppeld oppervlak of het groenoppervlak wordt ten minste vijf jaar in stand gehouden;
b. een uiting van het waterschap moet zichtbaar gekoppeld zijn aan het project.

Artikel 12. Slotbepalingen

1. Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2023.
2. Deze regeling kan worden aangehaald als “Subsidieregeling Klimaat & Ruimte”.

Aldus besloten in de vergadering van dijkgraaf en hoogheemraden van 13 december 2022.

Dijkgraaf en hoogheemraden van Schieland en de Krimpenerwaard,

Secretaris-directeur,
M.J.H. van Kuijk

Dijkgraaf,
drs. A.J.B. van der Klugt

Toelichting

Artikel 1. Begripsomschrijving
Het waterschap zet in op een subsidie voor klimaatadaptieve maatregelen die helpen het risico op wateroverlast, droogte en hitte te verkleinen. Hiermee wil het waterschap inwoners, particuliere partijen en maatschappelijke organisaties activeren om klimaatadaptieve maatregelen uit te voeren op eigen terrein. Door bestrating te vervangen door groen kan het regenwater makkelijker de grond in. Dit helpt het tegengaan van droogte. En met het opvangen van regenwater bij (hevige) buien wordt het riool en het oppervlaktewater ontlast. Daarnaast houdt ‘groen’ minder warmte vast bij heet ‘s zomers weer. De grondslag voor de subsidie vindt plaats op basis van toegevoegde vierkante meters groen oppervlak (vergroening), op basis van toegevoegde vierkante meters afgekoppeld oppervlak en/of op basis van toegevoegde kubieke meters waterberging. In het beheersgebied van ons waterschap is binnen het bebouwd gebied ongeveer 60% in handen van particulieren. Op deze manier wil het waterschap de particulieren betrekken en aansporen om ook hun steentje bij te dragen. Voorbeelden van waterberging zijn regentonnen, bufferblocks, infiltratiekratten en opslagtanks. Het opgevangen water kan worden gebruikt om bijvoorbeeld planten water te geven of het (langzaam) te laten wegzakken in de grond (infiltratie).

Artikel 2. Doelgroep
Bewoners (individueel, gezamenlijk of VVE), bedrijven en maatschappelijke organisaties (zoals stichtingen, verenigingen en scholen) kunnen in aanmerking komen voor deze subsidieregeling. Overheden kunnen geen gebruik maken van de subsidieregeling. Een huurder moet toestemming hebben van de eigenaar als de activiteiten en voorzieningen daarom vragen.

Artikel 4. Hoogte van de subsidie
De subsidie is met inachtneming van de minimum vereisten als in artikel 3. Het aantal vierkante of kubieke meters wordt afgerond (op één cijfer achter de komma). Binnen één aanvraag kan subsidie worden gevraagd voor bijvoorbeeld zowel het toevoegen van groenoppervlak als het toevoegen van waterberging.

Artikel 5. Subsidieplafond en wijze van verdeling
Als de aanvrager krachtens artikel 4.5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen. De aangevraagde subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden verleend. Wanneer het subsidieplafond is bereikt, worden geen aanvragen meer in behandeling genomen. Als het plafond is bereikt, dan wordt hiervan mededeling gemaakt op de website. Als het beschikbare budget ontoereikend is, kan het waterschap besluiten een aanvraag slechts deels toe te kennen.

Artikel 9. Vaststelling
Indien ondergrondse of ingebouwde voorzieningen worden toegepast, dan levert de aanvrager ook fotomateriaal aan van de aanleg van deze voorzieningen.

Artikel 10. Weigeringsgronden
Als de maatregelen onderdeel uitmaken van nieuw in te richten of te bouwen projecten (huizen, kantoren etc.), komen ze niet in aanmerking voor een subsidie.

Artikel 11. Verplichtingen
Afhankelijk van de omvang van de maatregelen en de locatie wordt in overleg bekeken op welke wijze een naamsvermelding van het waterschap kan worden gerealiseerd bij het project. Dat kan bijvoorbeeld gaan om het logo, naamsvermelding of motto van het waterschap op een bord, een sticker, flyer, social media of website.