Vissen verhuizen
Vissen en waterkwaliteit horen bij elkaar
Als waterbeheerder werken wij doorlopend aan schoon en gezond water. Voor goede kwaliteit van het water is ook balans nodig in de visstand. De hoeveelheid vis in water en welke soorten er voornamelijk voorkomen, heeft invloed op de waterkwaliteit. Daarom voeren we regelmatig visstandonderzoeken uit en nemen we -zo nodig- maatregelen. Bijvoorbeeld door een deel van de vis te verhuizen naar andere wateren. Een dergelijke ingreep staat nooit op zichzelf en maakt altijd deel uit van een integrale aanpak met meerdere maatregelen om de waterkwaliteit te verbeteren.
Helder water
Goede waterkwaliteit valt vaak te herkennen aan helder water en onderwaterplanten. Waterplanten hebben een sleutelrol in het onderwaterleven (ecosysteem). Zij zorgen voor de productie van zuurstof en vormen het voedsel en leefgebied voor vissen en andere waterdieren. Waterplanten hebben zonlicht nodig om te kunnen groeien. Licht komt niet bij de planten als het water niet helder is en geen doorzicht. Dit noemen we troebel water.
Onderwaterplanten zijn ook belangrijk voor vissen. De planten zorgen voor voedsel en een leefgebied voor vissen. Plantminnende vissen, zoals zeelt en snoek, paaien en schuilen tussen de waterplanten. Ook zijn er bodemwoelende vissen, zoals brasem en karper, die woelen de bodem om op zoek naar voedsel. Zo komt van de bodem materiaal los dat door het water dwarrelt. Dit maakt het water minder helder en minder doorzichtig, waardoor onderwaterplanten minder kans krijgen te groeien. En dat is waarom goede balans in de visstand bijdraagt bij aan schoon en gezond water. Met minder vissoorten die de bodem omwoelen, blijft het water helderder.
Meer weten?
Vind meer informatie op de pagina Verbeteren waterkwaliteit Bergse Plassen.