Egel (Erinaceus europaeus)

De egel is een belangrijk symbool is van biodiversiteit op onze eigen terreinen in de stad en in het landelijk gebied.

Behulpzaam dier, de egel die in de nacht actief is op onze terreinen. Hij houdt niet alleen schadelijke insecten onder controle, maar verbetert ook nog eens het bodemleven. Om dat vol te houden zit hij op een divers dieet van insecten, wormen en slakken. En wanneer hij zich veilig wil voelen, schuilt hij in bladnesten of konijnenholen. Met zijn veiligheid gaat het trouwens niet echt goed, want door verlies en versnippering van een aantrekkelijk leefgebied, gaat het soort in aantal snel achteruit. Dat terwijl de egel een belangrijk symbool is van biodiversiteit op onze eigen terreinen in de stad en in het landelijk gebied.

Belangrijke voorwaarden voor de egel

Voor de egel is het volgende belangrijk:

Verblijfplaatsen

Egels zijn vaak te vinden in tuinen en andere gebieden met dichte begroeiing en rommelige hoekjes waar ze voedsel kunnen vinden en schuilplaatsen kunnen bouwen. Ze maken gebruik van hopen bladeren om een nest te maken of slapen onder struiken, takkenbossen of in holtes van konijnen of composthopen.

Voedsel

Egels zijn ‘s nachts actief om voedsel te verzamelen en eten een variatie aan insecten, wormen en plantaardig voedsel. Ook eten ze slakken (soms wel 40 per nacht) en soms ook eieren van vogels die op de grond broeden. Met zijn reuk kan hij zijn voedsel goed opsporen.

Veiligheid

De stekels van de egel beschermen tegen vijanden. Een bedreigde egel rolt zich op tot een bal, waardoor de stekels alle kanten op steken en het lastig wordt om de egel aan te vallen. Voor de veiligheid hebben egels een ononderbroken leefgebied nodig met natuurlijke elementen, zoals heggen en struiken voor schuilplaatsen. Het is erg belangrijk dat ze veilige oversteekplaatsen hebben om te voorkomen dat ze worden overreden. Er moet verder een rijk aanbod van voedselbronnen zijn, zoals insecten. Tot slot moeten we schuilplaatsen behouden en niet verstoren, zodat egels een veilige plek hebben om te rusten en te overwinteren.

Verbinding

In Nederland komt de egel wijdverspreid voor. Onder andere tuinen, bosranden, parken en graslanden zijn geschikt als leefomgeving. Ze hebben een vast leefgebied van enkele tientallen hectaren, maar ze verdedigen geen territorium. Elke nacht leggen ze een paar kilometer af. Versnippering van leefgebied door wegen en blokkades zoals schuttingen vormen knelpunten. Verbonden leefomgevingen zijn dus erg belangrijk. Ze kunnen goed zwemmen, het oversteken van een sloot met een flauwe oever is geen probleem.

Voortplanting

Egels vormen geen vaste paartjes. De mannetjes gaan in de paartijd, van mei tot en met augustus, op zoek naar vrouwtjes. Als het vrouwtje het mannetje accepteert, paren ze. Na 5 weken worden er gemiddeld 5 jongen geboren die na 4 tot 7 weken onafhankelijk van de moeder worden. Ze zullen nog wel samen overwinteren in het geboortenest, daarna gaan ze op zoek naar een eigen leefgebied.

Wat kunt u doen?

U kunt het volgende doen om het leefgebied van de egel te behouden en te versterken:

Maak schuilplaatsen voor egels

Laat bladeren en takken op bepaalde plekken liggen of maak bewust hopen van bladafval en houtstapels. Hier kunnen egels schuilen. Ook kunt u een egelhuis bouwen of kopen en in de tuin plaatsen.

Verbeter de verbinding tussen leefgebieden

Maak openingen in hekken: maak kleine openingen onderin schuttingen of zorg ervoor dat de onderkant van de schuttingen minstens 10 centimeter boven de grond zijn, zodat egels gemakkelijk tussen verschillende tuinen kunnen bewegen.

Voorkom vergiftiging en verstrikking

Gebruik geen gif: voorkom het gebruik van bestrijdingsmiddelen zoals slakken- en rattengif op terreinen waar egels voorkomen, om vergiftiging te voorkomen. Vermijd ook netten en draden: gebruik geen fijnmazige netten of andere materialen waar egels in verstrikt kunnen raken.

Voorkom verdrinking

Maak flauwe oevers: zorg ervoor dat de oevers van een vijver een geleidelijke helling hebben, zodat egels gemakkelijk kunnen ontsnappen als ze in het water terechtkomen. Bij steile oevers kun je bijvoorbeeld egeltrapjes installeren, zodat ze een veilige uitweg hebben uit het water.