Paling (Anguilla anguilla)
De paling is een trekvis die van nature in Nederland voorkomt en heet oorspronkelijk aal. De paling heeft een gevarieerd dieet en is in de nacht actief om eten te zoeken of zich te verplaatsen naar andere wateren. Deze mysterieuze vissoort verdient onze volle aandacht en bescherming, want door overbevissing, migratiebarrières en watervervuiling is het aantal palingen met 90% verminderd. Terwijl de paling onder water een erg belangrijke rol speelt als indicator voor vrije vismigratie.
Belangrijke voorwaarden voor de paling
Voor de paling is het volgende belangrijk:
Verblijfplaatsen
De paling komt voor in zowel zoet, brak als zout water en in vrijwel alle oppervlaktewateren. Hij verschuilt zich overdag onder en tussen waterplanten, tussen plantenwortels, in holle oevers, tussen stenen en rotsen. Ook kan hij zich ingraven in de bodem.
Voedsel
Palingen hebben een gevarieerd menu van muggenlarven, ongewervelde dieren, kleine mosselen en vis. Ook (jonge) rivierkreeften staan op het menu. Met zijn reuk kan de paling ook kadavers opsporen van honderden meters afstand.
Veiligheid
De wereldwijde palingpopulatie is met meer dan 90% afgenomen en staat internationaal ernstig onder druk. Overbevissing, handel in glasaaltjes, migratiebarrières zoals sluizen en dammen, watervervuiling en ziekten vormen de belangrijkste bedreigingen. Dit houdt de voortplanting tegen en veroorzaakt sterfte onder migrerende palingen. Bescherming van de paling vraagt om duurzame visserij, verminderen van migratiebarrières en herstellen van leefgebieden. Daarnaast is het verbeteren van de waterkwaliteit erg belangrijk.
Verbinding
De paling is een trekvis en maakt gebruik van waterwegen om te migreren van en naar het paaigebied in de Sargassozee. Hiervoor leggen ze twee keer in hun leven 6.000 kilometer af. De paling moet dus vrij kunnen zwemmen om zich voort te kunnen planten. Barrières zoals stuwen, dammen en gemalen zijn een van de belangrijkste oorzaken van de achteruitgang van de palingpopulatie. Er ligt een kans voor waterbeheerders om deze barrières weg te nemen, zodat de paling weer vrij kan migreren. Bijzonder is dat palingen in afgesloten wateren over land kunnen bewegen door de bescherming van hun gladde, slijmachtige huid.
Voortplanting
De voortplanting van de paling is bijzonder. Het paaien gebeurt 6.000 kilometer van Nederland af in de Sargassozee, in het noorden van de Atlantische Oceaan. Hoe palingen daadwerkelijk paaien is een groot mysterie. Als de eitjes uitkomen, migreren ze als glasaal naar Europa. Hier doen ze ongeveer drie jaar over. Een deel trekt Nederland in en vestigt zich in onze wateren. Na 10 tot 30 jaar begint de reis terug naar het paaigebied in de Sargassozee. Na het paaien sterft de paling en begint de cyclus opnieuw.

Wij zorgen ervoor dat de vissen, zoals palingen vrij kunnen zwemmen door sluizen en gemalen visvriendelijk te maken. Benieuwd hoe dat werkt? Bekijk de video!