Veel gestelde vragen over maaien in water en op oevers
Heeft u hier vragen over? Of vindt u dat oevers er nu rommeliger uitzien dan u gewend bent? Hieronder leggen we uit waarom we zo werken en wat u kunt verwachten.
Nee, we maaien bewust minder en op andere momenten. Dit doen we om planten en dieren te beschermen.
Sloten en oevers worden niet meer in één keer kaal gemaaid. We maaien in delen. Op sommige plekken laten we planten staan, zodat er altijd leefgebied blijft voor planten en dieren. Dat is goed voor de biodiversiteit. Waar mogelijk voeren we het maaisel af. Zo niet, dan leggen we het maaisel (niet fijngemaakt) in rillen of hopen naast de sloot. De eigenaar van het terrein kan het maaisel dan verwerken of weghalen.
Planten helpen juist om het water schoon te houden. Zwerfvuil wordt bij regulier onderhoud opgeruimd.
Meer planten betekent meer leven, zoals vlinders, bijen en vogels. Ongedierte zoals ratten worden aangetrokken door etensresten, niet door meer oeverplanten.
Als u eigenaar bent van het terrein tot aan het water, blijft u verantwoordelijk voor het onderhoud (maaien) van uw eigen deel. Dat is niet veranderd. Wel is het belangrijk dat ook u het onderhoud uitvoert volgens de nieuwe regels. Bijvoorbeeld door een deel van de planten te laten staan.
Op plekken waar we nog mogen klepelen, moet het maaisel voorbij de insteek op uw perceel terechtkomen. Voorheen bleef het maaisel soms in het talud liggen, maar dat is niet meer toegestaan.
We begrijpen dat dit vervelend kan zijn, zeker als het maaisel op een gazon of pad terechtkomt. De gedoogplicht om het maaisel te ontvangen blijft bestaan.
Op sommige plekken mogen we niet meer klepelen. Dat betekent dat het maaisel niet fijngemaakt wordt, maar in lange stukken op de kant komt te liggen. Dit gebeurt ook met het maaisel dat uit het water komt. Het maaisel komt dan voorbij de insteek op uw terrein terecht — dat is vaak een grasveld, pad of akker. Omdat het niet fijngemaakt is, lijkt het een grotere hoop dan u gewend bent.
Bent u eigenaar van het terrein tot aan het water? Dan blijft de gedoogplicht om het maaisel te ontvangen bestaan. Het kan helpen om eerst zelf het talud en het onderhoudspad te maaien. Zo kunt u het maaisel beter ontvangen en eventueel zelf afvoeren.
Op sommige plekken groeit veel riet, we noemen dat rietmuren. Dit riet is aantrekkelijk voor allerlei water- en rietvogels. Toch streven we naar meer diversiteit in begroeiing langs het water, zodat er ook voor andere planten en dieren meer ruimte komt. Op verschillende plekken in ons gebied gaan we proberen het riet te verminderen. Dat doen we door vroeger in het jaar en ook vaker per jaar het riet te maaien.
We begrijpen dat goed zicht belangrijk is als u via een brug of dam (met duiker) uw terrein verlaat en de weg op rijdt. Toch geldt hier een duidelijke regel: terreineigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor voldoende zicht.
Dat betekent dat u zelf begroeiing zoals riet of andere hoge planten die het zicht belemmeren, mag en kunt wegmaaien. Zo zorgt u voor een veilige uitrit vanaf uw terrein.
Standaard wisselen we van kant of maaien we gefaseerd in blokken. Voor de 1.000 kilometer die wij onderhouden, is goed afstemmen per situatie of per wens van omwonenden niet mogelijk. We werken aan een nieuwe maaikaart voor rietoevers die we willen omvormen naar meer gevarieerde oevers. Dit betekent dat we op sommige plekken anders gaan maaien. We houden rekening met wensen van de omgeving.